In het kort
Het standaardjaarverbruik (SJV) is het verbruik dat de netbeheerder voor jouw aansluiting in een normaal jaar verwacht, berekend uit je echte meterstanden. Voor stroom heet het sinds februari 2021 officieel standaardjaarafname (SJA), met daarnaast een standaardjaarinvoeding (SJI) voor wat je teruglevert; voor gas blijft het SJV. Leveranciers gebruiken die getallen voor hun aanbod, het controleren van meterstanden en vaak ook je voorschot. Na een thuisbatterij of extra zonnepanelen loopt het getal een tijd achter op je nieuwe situatie.
Een verwachting, geen meting
Het standaardjaarverbruik is geen getal dat je meter aanwijst. Het is een verwachting: hoeveel stroom of gas er op jouw aansluiting in een gemiddeld jaar doorheen gaat, gecorrigeerd voor seizoenen en weer. Liander omschrijft het als het verwachte jaarverbruik van een afnemer op een netaansluiting bij gestandaardiseerde condities en op basis van een genormaliseerd jaar. De berekening ligt vast in de Informatiecode elektriciteit en gas, een regeling van de ACM waar alle netbeheerders en leveranciers zich aan houden.
De regionale netbeheerder stelt het getal vast en zet het in het aansluitingenregister, de centrale administratie van alle aansluitingen. Je leverancier haalt het daar op. Je energieleverancier verzint het dus niet zelf, en een vergelijkingssite die je verbruik schat, gebruikt meestal een gemiddeld huishouden in plaats van jouw eigen getal. Wie de rollen van netbeheerder en leverancier nog eens naast elkaar wil zien, vindt dat in het verschil tussen een netbeheerder en een energieleverancier.
Waarom stroom twee getallen kreeg: afname en invoeding
Tot 2021 had elke stroomaansluiting één standaardjaarverbruik. Met de opmars van zonnepanelen werkte dat niet meer goed. De ACM schreef in het codebesluit van 25 januari 2021 dat op steeds meer aansluitingen niet alleen stroom wordt afgenomen maar ook ingevoed, waardoor het standaardjaarverbruik niet meer het werkelijke verbruik weergaf. Processen van energiebedrijven die erop leunden, werkten daardoor niet goed meer, zo staat in het ontwerpbesluit.
Daarom heeft elke stroomaansluiting nu twee getallen: de standaardjaarafname voor de stroom die je van het net haalt en de standaardjaarinvoeding voor de stroom die je teruglevert. Het besluit staat in de Staatscourant van 5 februari 2021 en ging de dag daarna in. Beide getallen zijn volgens de regels een positief getal of nul. Een huis met veel zonnepanelen krijgt dus geen negatief verbruik meer, maar een afname en een invoeding die los van elkaar bestaan. Voor gas is niets veranderd: daar heet het nog steeds standaardjaarverbruik. In de praktijk zeggen veel mensen en leveranciers ook voor stroom nog gewoon SJV.
Hoe de netbeheerder het berekent
Voor een gewone huisaansluiting neemt de netbeheerder je gemeten afname over een periode van minstens 300 dagen en deelt die door de profielfracties van diezelfde periode. Een profielfractie is het deel van een normaal jaarverbruik dat volgens het verbruiksprofiel in een bepaalde periode valt. In de winter verbruikt een huishouden meer dan in de zomer, en de fracties vangen dat op. De netbeheerder gebruikt volgens het besluit uitsluitend afgelezen of uitgelezen meterstanden, dus geen geschatte standen.
Een rekenvoorbeeld met verzonnen maar realistische getallen laat zien hoe dat uitpakt. Neem aan dat je slimme meter over 330 dagen 3.100 kWh afname laat zien, en dat de profielfracties van die 330 dagen samen 0,92 zijn. Dan is je standaardjaarafname 3.100 gedeeld door 0,92, ongeveer 3.370 kWh. De ontbrekende 35 dagen worden dus niet geschat met een gemiddelde per dag, maar met het profiel: valt een stuk winter buiten de meetperiode, dan telt dat zwaarder mee dan een stuk zomer.
Heeft je meter een normaal- en een laagtarieftelwerk, dan stelt de netbeheerder voor beide een aparte afname vast en is je totale standaardjaarafname de som. Bij een schakelstoring in de meter verdeelt hij de totale afname vast in 40% normaal en 60% laag, en de invoeding in 70% normaal en 30% laag. Zijn er nog geen meetgegevens, bijvoorbeeld bij een nieuwbouwwoning, dan krijg je het gemiddelde van aansluitingen in dezelfde categorie. Voor een kleinverbruikaansluiting met een op afstand uitleesbare meter zonder invoedingsgegevens geldt een standaardinvoeding van 1.008 kWh.
Het getal staat niet voor altijd vast. De netbeheerder actualiseert de afname en invoeding zodra er een nieuwe vastgestelde meterstand is, zoals bij je jaarafrekening of een overstap. Omdat er steeds over minimaal 300 dagen wordt gerekend, weegt je oude situatie nog lang mee nadat er iets is veranderd. Je eigen meterstanden aflezen gaat het snelst via het display of de P1-poort; hoe dat werkt staat in meterstanden van je slimme meter aflezen.
Waar je het getal tegenkomt
De toelichting bij het ACM-besluit noemt vier toepassingen: het aanbod op maat aan kleinverbruikers, het controleren van meterstanden, prognoses voor het transport over het net en het beperken van financiële risico's voor partijen die de energiebalans bewaken. Voor jou als huishouden tellen vooral de eerste twee, plus het voorschot.
Bij een aanbod op maat rekent een leverancier met het verbruik dat in het verleden op jouw aansluiting is gemeten. Dat is het getal waarmee hij je jaarkosten en dus je maandbedrag inschat. De ACM schrijft dat de leverancier het termijnbedrag baseert op je verwachte verbruik van stroom en gas, gebaseerd op je verbruik van de afgelopen jaren. Zonneplan zegt in zijn uitleg over het vaste maandbedrag letterlijk dat het jaarverbruik van de netbeheerder komt. Hoe het voorschot daarna wordt verrekend, staat in hoe het voorschot bij een dynamisch contract werkt.
Minder bekend is de controle van meterstanden. Geef je een stand door, of komt er een binnen bij een overstap of verhuizing, dan legt de leverancier die naast je vorige stand en je standaardjaarafname. Volgens de Informatiecode ligt de bovengrens op de vorige stand plus 200% van het verwachte verbruik over die periode, en de ondergrens op de vorige stand plus 50%. Het verwachte verbruik is de standaardjaarafname maal de profielfracties van de periode. Een voorbeeld, weer met aannames: bij een afname van 3.370 kWh en een periode met profielfracties van samen 0,08 verwacht de leverancier ongeveer 270 kWh. Een stand die tussen ruwweg 135 en 540 kWh boven de vorige ligt, gaat door. Ligt hij daarbuiten, dan wordt hij niet zomaar geaccepteerd en volgt er een controle.
Wat een thuisbatterij met je standaardjaarafname doet
Een thuisbatterij verandert allebei je getallen tegelijk, en dat is precies waarom de splitsing van 2021 vanaf 2027 meer gaat tellen. Neem een huishouden met zonnepanelen dat volgens de netbeheerder 3.000 kWh afneemt en 2.800 kWh invoedt. Dat zijn aannames voor dit voorbeeld. Er komt een batterij bij die per jaar 1.500 kWh zonnestroom opslaat en daarvan, bij een aangenomen rendement van 90%, 1.350 kWh weer aan het huis levert.
| Getal | Zonder batterij | Met batterij |
|---|---|---|
| Standaardjaarafname | 3.000 kWh | 1.650 kWh |
| Standaardjaarinvoeding | 2.800 kWh | 1.300 kWh |
| Afname min invoeding | 200 kWh | 350 kWh |
De laatste regel laat zien waarom het netto getal misleidt. Netto lijkt het huishouden met batterij meer te verbruiken, door de 150 kWh die in de batterij verloren gaat. Zolang je saldeert is dat ook echt een klein nadeel. Maar volgens de Rijksoverheid stopt salderen op 1 januari 2027. Daarna betaal je voor elke afgenomen kWh het volle tarief en krijg je voor elke ingevoede kWh een terugleververgoeding, die tot 2030 minimaal 50% van het kale leveringstarief moet zijn. Dan zijn afname en invoeding twee aparte posten op je rekening, en tellen ze niet meer tegen elkaar weg. Wat er verder verandert, staat in het einde van de salderingsregeling.
Een batterij die ook uit het net laadt om prijsverschillen te benutten, duwt de getallen de andere kant op: meer afname en meer invoeding. Hoe het precies uitvalt, hangt af van hoe de batterij gestuurd wordt. In beide gevallen geldt dat je standaardjaarafname en -invoeding pas na maanden je nieuwe situatie weerspiegelen, omdat de berekening een meetperiode van minstens 300 dagen nodig heeft.
Wat je kunt doen als het getal niet meer klopt
Het standaardjaarverbruik zelf kun je niet laten aanpassen door te bellen; het volgt automatisch uit vastgestelde meterstanden. Wat je wel kunt sturen, is wat je leverancier ermee doet. Een paar praktische stappen na de installatie van een thuisbatterij of extra panelen:
- Noteer op de dag van installatie de standen van alle telwerken voor afname en teruglevering.
- Vraag je leverancier met welke afname en invoeding hij je voorschot heeft berekend.
- Wijkt dat flink af van je nieuwe verwachting, vraag dan een lager of hoger termijnbedrag aan.
- Kijk na een paar maanden in je P1-gegevens of app of je verwachting klopt, en stel zo nodig opnieuw bij.
Een termijnbedrag dat te hoog is, kost je geen geld maar wel rente en liquiditeit, en een te laag bedrag levert een rekening achteraf op. De ACM zegt dat je de reden van een verhoging mag opvragen of direct om een lager termijnbedrag kunt vragen, en dat je binnen 8 weken antwoord moet krijgen op een brief of e-mail. Geef je zelf meterstanden door, dan ben je volgens de ACM ook zelf verantwoordelijk voor afleesfouten. Een stand die opvallend afwijkt van je oude standaardjaarafname kan bij de controle blijven hangen, ook als hij klopt. Bewaar daarom een foto van het display bij grote veranderingen in je installatie, zodat je kunt laten zien dat de nieuwe stand echt is.
Een beslisregel om mee te nemen: zolang je in 2026 nog saldeert, is je netto verbruik het getal dat je rekening bepaalt. Vanaf 2027 kijk je naar twee getallen, afname en invoeding, en vergelijk je aanbiedingen op basis van allebei. Een aanbieding die alleen met een netto verbruik rekent, zegt na het einde van salderen weinig over wat je echt gaat betalen.
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen standaardjaarverbruik en standaardjaarafname?
Voor stroom is het standaardjaarverbruik sinds februari 2021 vervangen door twee getallen: de standaardjaarafname voor stroom die je van het net haalt en de standaardjaarinvoeding voor stroom die je teruglevert. Voor gas heet het nog standaardjaarverbruik. In de praktijk noemen veel mensen beide nog SJV.
Wie bepaalt mijn standaardjaarverbruik?
De regionale netbeheerder. Die berekent het uit afgelezen of uitgelezen meterstanden over een periode van minstens 300 dagen en zet het in het aansluitingenregister. Je leverancier haalt het daar op en rekent ermee.
Kan mijn standaardjaarafname negatief zijn als ik veel zonnestroom teruglever?
Nee. Volgens de Informatiecode zijn de standaardjaarafname en de standaardjaarinvoeding altijd een positief getal of nul. Teruglevering staat in een apart getal, de standaardjaarinvoeding, en wordt niet meer van je afname afgetrokken.
Hoe snel past het getal zich aan na een thuisbatterij?
Niet direct. De netbeheerder actualiseert het bij elke nieuwe vastgestelde meterstand, maar rekent steeds over minimaal 300 dagen. Je oude situatie weegt dus nog maanden mee. Vraag je leverancier zo nodig zelf om een ander termijnbedrag.
Bronnen en controle
- Staatscourant 2021, 4581: Besluit ACM over standaardjaarinvoeding en standaardjaarafname, besluit van 25 januari 2021, gepubliceerd 5 februari 2021, geraadpleegd 1 november 2026; berekening over minimaal 300 dagen, normaal en laag apart, 1.008 kWh, validatiegrenzen 50% en 200%
- ACM: Codebesluit Standaardjaarinvoeding en standaardjaarafname, 5 februari 2021, geraadpleegd 1 november 2026
- ACM: Ontwerp codebesluit standaardjaarinvoeding en standaardjaarafname, 20 november 2020, geraadpleegd 1 november 2026; reden voor de splitsing en toepassingen
- Liander: Toelichting kleinverbruiksgegevens teruglevering, geraadpleegd 1 november 2026; omschrijving standaardjaarverbruik
- ACM: Problemen met uw energierekening, geraadpleegd 1 november 2026; basis termijnbedrag, antwoord binnen 8 weken
- Zonneplan: Factuur met vast maandbedrag, geraadpleegd 1 november 2026; jaarverbruik komt van de netbeheerder
- Rijksoverheid: Salderingsregeling, geraadpleegd 1 november 2026; einde salderen 1 januari 2027, minimaal 50% van het kale leveringstarief tot 2030
Controletoelichting: De rekenvoorbeelden gebruiken aangenomen meterstanden, profielfracties en een aangenomen batterijrendement van 90%. Echte profielfracties verschillen per periode en profiel.
Past een thuisbatterij bij jou?
Doe de gratis scan in 2 minuten en ontvang advies op basis van je verbruik en opwek.