Wat is een buurtbatterij en is die beter dan een eigen thuisbatterij?

In het kort

Een buurtbatterij is een grote batterij met een eigen netaansluiting die stroom opslaat voor meerdere huishoudens in een wijk, meestal beheerd door een energiecoöperatie of gemeente. Voor het net kan hij nuttiger zijn dan losse thuisbatterijen, maar voor jou als bewoner is hij nog zelden een echte optie: volgens een onderzoek van DNV voor RVO is er op dit moment geen verdienmodel en draaien alle projecten op subsidie. Wil je nu zelf meer van je zonnestroom gebruiken, dan blijft een eigen thuisbatterij de enige keuze die je zelf in de hand hebt.

Wat is een buurtbatterij precies?

Netbeheerder Stedin omschrijft een buurtbatterij als een grotere batterij die stroom opslaat voor meerdere huishoudens of gebouwen in een buurt, met een eigen aansluiting op het net. Een thuisbatterij zit juist achter je eigen meter, in je meterkast, garage of schuur. Stedin noemt voor thuisbatterijen een gangbare capaciteit van ongeveer 3 tot 15 kWh. Milieu Centraal houdt 6 kWh aan als gemiddelde thuisbatterij.

DNV gebruikt in een onderzoek voor RVO uit januari 2025 de definitie van CE Delft. Een buurtbatterij heeft dan als hoofddoel om lokale voordelen te creëren of lokale netproblemen op te lossen. Het vermogen ligt tussen 100 kW en 5 MW, de batterij staat meestal in de openbare ruimte of op een gedeelde plek en er is een gezamenlijke vorm van eigendom en beheer nodig. Dat laatste is het grote verschil met een thuisbatterij, waarvan eigendom en verantwoordelijkheid volgens DNV volledig bij de bewoner liggen.

Zonneplan, zelf een verkoper van thuisbatterijen, beschrijft de buurtbatterij als een soort huisje in de wijk waaraan de woningen gekoppeld zijn. Stroom die anders het net op zou gaan, wordt daarin opgeslagen en later door de aangesloten woningen gebruikt. Een buurtbatterij is dus geen batterij die je koopt, maar een voorziening waar je als bewoner aan meedoet, bijvoorbeeld als lid van een energiecoöperatie.

Hoeveel buurtbatterijen zijn er in Nederland?

Weinig. Milieu Centraal schrijft dat er in Nederland nog maar enkele buurtbatterijen actief zijn. Solar Magazine meldde in maart 2023 dat er in 2017 pilots liepen in Heerlen en Etten-Leur, en dat er sindsdien maar een handvol projecten bij was gekomen. Volgens Zonneplan stond de eerste buurtbatterij in Rijsenhout, waar hij van 2017 tot 2021 werd gebruikt door 35 huishoudens.

Een recent voorbeeld is Strandeiland in Amsterdam. Volgens Solar Magazine (28 september 2026) krijgt energiecoöperatie Amsterdams GOED, met ruim 800 leden, daar een batterij van 5,3 MWh bij een bestaand zonnepark van 2,5 MWp dat 2,1 miljoen kWh per jaar opwekt. Een kleiner deel van de batterij slaat zonnestroom op voor huishoudens en organisaties in de buurt, een groter deel wordt ingezet voor flexibiliteit op het net. Het project krijgt 600.000 euro subsidie uit het programma Kansen voor West.

Ter vergelijking: DNV schat het aantal thuisbatterijen in Nederland voor 2023 op tussen de 14.000 en 39.200 stuks, ofwel 0,2 tot 0,5 procent van de huishoudens. Buurtbatterijen tel je in projecten, thuisbatterijen in tienduizenden.

Wat kost een buurtbatterij vergeleken met een thuisbatterij?

Je zou verwachten dat één grote batterij per kWh veel goedkoper is dan tientallen kleine. Dat valt tegen. Zonneplan noemt, op basis van onderzoek van CE Delft en Witteveen+Bos, een prijs van 350.000 euro voor een buurtbatterij van 800 kWh en 3.200.000 euro voor 8.000 kWh. DNV noemt voor thuisbatterijen marktprijzen van december 2024, inclusief installatie.

BatterijPrijsPer kWh
Buurtbatterij 800 kWh (CE Delft, via Zonneplan)350.000 euroca. 440 euro (eigen berekening)
Buurtbatterij 8.000 kWh (CE Delft, via Zonneplan)3.200.000 euro400 euro (eigen berekening)
Thuisbatterij 10 tot 15 kWh (DNV)marktprijs dec. 2024565 euro
Thuisbatterij groter dan 15 kWh (DNV)marktprijs dec. 2024499 euro

Per kWh scheelt het dus zo'n 10 tot 30 procent, niet de helft. En de buurtbatterij heeft kosten die een thuisbatterij niet heeft: een eigen netaansluiting, een vergunning, een terrein en de administratie van gedeeld eigendom. Die posten noemt DNV als belemmeringen, maar zonder bedragen.

Een voorbeeld laat zien wat dat per huishouden betekent. De aannames zijn van ons en alleen ter illustratie. Stel dat 35 huishoudens samen de buurtbatterij van 800 kWh betalen, net zoveel huishoudens als in Rijsenhout meededen. Dan komt er per huishouden ongeveer 23 kWh opslag beschikbaar, voor zo'n 10.000 euro per huishouden. Dat is meer opslag dan de meeste mensen nodig hebben: een thuisbatterij moet volgens Milieu Centraal vooral je avond- en nachtverbruik dekken, en het gemiddelde ligt rond 6 kWh. Wordt dezelfde batterij gedeeld door 150 huishoudens, dan is het zo'n 5 kWh en 2.300 euro per huishouden. Of je daar als bewoner zelf aan meebetaalt, hangt helemaal af van het project; vaak betaalt een coöperatie of subsidie een groot deel.

Waarom komt de buurtbatterij niet van de grond?

De kern is geld. DNV concludeert in het onderzoek voor RVO letterlijk dat er op dit moment nog geen verdienmodel voor buurtbatterijen is, en dat alle bestaande projecten afhankelijk zijn van subsidie. Een buurtbatterij mist het voordeel van een thuisbatterij, die zonder nieuwe aansluiting achter de meter kan, en kan niet profiteren van de schaal van grote netbatterijen. DNV verwacht daarom dat de markt voor buurtbatterijen niet sterk gaat groeien.

Solar Magazine kwam in 2023 tot hetzelfde beeld. Grote batterijparken verdienen hun geld met handel op de onbalansmarkt en de energiemarkt, met één aansluiting voor één systeem. De waarde van een buurtbatterij ligt volgens het blad ergens anders: lokaal opgewekte stroom in de wijk houden en netverzwaring uitstellen nu er steeds meer zonnepanelen, elektrische auto's en warmtepompen komen. Die waarde is lastig in euro's uit te drukken voor wie de batterij betaalt.

DNV noemt verder praktische hobbels. Een nieuwe netaansluiting kost extra geld en tijd. Vergunningen voor openbare grond duren lang en buurtbewoners kunnen bezwaar maken. Een grote batterij roept meer zorgen over veiligheid op; Zonneplan noemt dat de batterij in Haarlemmermeer om die reden ongeveer 80 meter van de woningen staat, op een omheind terrein. En dan is er de vraag wie de opbrengst krijgt en wie de leiding heeft: netbeheerder, gemeente of bewoners. Ook energiebelasting en nettarieven maken het volgens DNV ingewikkeld.

Wat heeft een buurtbatterij te maken met energiedelen?

Sinds 1 januari 2026 geldt de Energiewet, waarin volgens RVO het begrip energiegemeenschap is vastgelegd: inwoners en bedrijven die zonder winstoogmerk samen energieprojecten doen. RVO noemt het opslaan van energie met een batterij als een van de manieren waarop zo'n gemeenschap lokaal vraag en aanbod op elkaar afstemt. De ACM schreef al in april 2025 dat energiedelen financieel interessant kan zijn als deelnemers hun verbruik kunnen verschuiven, en noemde een buurtbatterij als een van de manieren om dat te organiseren.

In de praktijk staat dit nog in de kinderschoenen. Volgens RVO moeten opwekker en gebruiker voorlopig nog bij dezelfde leverancier zitten om te kunnen delen. Solar Magazine meldde op 1 oktober 2026 dat energiedelen formeel mag sinds de Energiewet, maar dat nog geen enkele leverancier het aanbiedt. Vereniging Eigen Huis kreeg signalen dat leveranciers in hun voorwaarden meer dan 800 euro per persoon willen rekenen voor de administratie. Een wetsvoorstel moet leveranciers verplichten mee te werken. Hoe het verder gaat met energiedelen lees je in het blog over energiedelen en een thuisbatterij.

Is een buurtbatterij beter voor het stroomnet?

Dat kan, maar het gaat niet vanzelf. Stedin pleit in een position paper uit oktober 2023 voor goed nabuurschap: een batterij, groot of klein, mag de buren niet hinderen en moet waar het kan het lokale net helpen. Een buurtbatterij heeft daarbij een voordeel. Omdat hij een eigen aansluiting heeft en vaak door een gemeente of coöperatie wordt opgezet, kunnen netbeheerder en eigenaar afspraken maken over wanneer hij laadt en ontlaadt. Bij thuisbatterijen achter de meter kan dat volgens Stedin veel minder.

Tegelijk waarschuwt Stedin dat batterijen die handelen op landelijke stroomprijzen niet vanzelf meebewegen met de lokale vraag. CE Delft schat volgens het paper dat batterijen die op de onbalansmarkt handelen 100 tot 300 uur per jaar congestie bij afname kunnen veroorzaken. Voor thuisbatterijen komt DNV tot een vergelijkbare les: gebruik voor eigen zonnestroom is neutraal of licht gunstig voor het net, handel op de markt kan congestie juist verergeren. Hoe netcongestie werkt en wat een thuisbatterij daaraan doet, staat in wat netcongestie is en of een thuisbatterij helpt.

Lokale opslag in bestaande wijken kan de piekbelasting volgens CE Delft, geciteerd door Stedin, met tot 20 procent verlagen. Stedin vindt batterijen tegelijk een dure manier om congestie op te lossen. Een energiecoöperatie in Limburg zei in Solar Magazine (juni 2024) dat een buurtbatterij waarschijnlijk goedkoper is dan het vervangen van transformatorhuisjes, maar dat je dat pas zeker weet met gegevens van de netbeheerder over waar de knelpunten zitten.

Wat kun je nu doen als je wilt kiezen?

Een buurtbatterij is geen product dat je kunt bestellen. Wacht je erop, dan wacht je op een coöperatie, een gemeente, een netbeheerder en een subsidie tegelijk. Dat hoeft geen reden te zijn om het af te schrijven, maar wel om het niet als alternatief voor een eigen beslissing te zien. Een paar stappen helpen.

  1. Vraag bij je gemeente of lokale energiecoöperatie of er plannen zijn voor een buurtbatterij of energiedelen in jouw wijk.
  2. Meet met een P1-meter een paar weken je verbruik tussen zonsondergang en de volgende ochtend.
  3. Reken een eigen thuisbatterij door met dat verbruik, met en zonder dynamisch contract.
  4. Woon je in een appartement of VvE, bespreek dan een gezamenlijke batterij achter de meter van het gebouw.

Als beslisregel: komt er binnen een jaar of twee concreet een buurtbatterij of energiegemeenschap in je wijk, wacht dan met een eigen batterij en kijk eerst wat deelname kost en oplevert. Is er niets gepland, dan heb je aan het idee van een buurtbatterij nu weinig. Weeg dan een eigen batterij gewoon op zijn eigen merites; Milieu Centraal waarschuwt dat je die met alleen de besparing op je stroomrekening op dit moment hoogstwaarschijnlijk niet terugverdient. Wat een thuisbatterij kost, lees je bij wat kost een thuisbatterij, en hoe ver je er zelf mee komt bij volledig zelfvoorzienend worden met een thuisbatterij.

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil tussen een buurtbatterij en een thuisbatterij?

Een thuisbatterij staat achter je eigen meter en is van jou; Stedin noemt een gangbare capaciteit van 3 tot 15 kWh. Een buurtbatterij heeft een eigen netaansluiting, slaat stroom op voor meerdere huishoudens en heeft volgens DNV een vermogen van 100 kW tot 5 MW, met gezamenlijk eigendom en beheer.

Wat kost een buurtbatterij?

Zonneplan noemt op basis van CE Delft en Witteveen+Bos 350.000 euro voor 800 kWh en 3.200.000 euro voor 8.000 kWh. Dat is ongeveer 400 tot 440 euro per kWh, tegen 499 tot 565 euro per kWh voor grotere thuisbatterijen volgens marktprijzen van december 2024 uit het DNV-rapport.

Hoeveel buurtbatterijen zijn er in Nederland?

Weinig. Milieu Centraal schrijft dat er nog maar enkele actief zijn. Volgens DNV zijn het allemaal pilots van energiegemeenschappen en netbeheerders, gefinancierd met subsidie. Een recent voorbeeld is de batterij van 5,3 MWh op Strandeiland in Amsterdam.

Kan ik zelf meedoen aan een buurtbatterij?

Alleen als er in je wijk een project is, meestal via een energiecoöperatie. Sinds de Energiewet van 1 januari 2026 bestaat het begrip energiegemeenschap, maar energiedelen wordt volgens Solar Magazine in oktober 2026 nog door geen enkele leverancier aangeboden.

Moet ik wachten met een thuisbatterij als er een buurtbatterij komt?

Als er concreet een project in je wijk gepland staat, is het verstandig eerst te kijken wat deelname kost en oplevert. Is er niets gepland, dan is wachten op een buurtbatterij geen reden om een eigen beslissing uit te stellen.

Bronnen en controle

Controletoelichting: De prijzen per kWh van de buurtbatterijen (ca. 440 en 400 euro) en het verschil van 10 tot 30 procent met thuisbatterijen zijn eigen berekeningen op basis van de genoemde bronnen. Het rekenvoorbeeld met 35 en 150 huishoudens is een eigen aanname; de capaciteit van de batterij in Rijsenhout is niet bekend. De kostenbedragen voor buurtbatterijen komen van Zonneplan, een aanbieder van thuisbatterijen, die zich beroept op CE Delft en Witteveen+Bos.

Past een thuisbatterij bij jou?

Doe de gratis scan in 2 minuten en ontvang advies op basis van je verbruik en opwek.